|
| |
 |
Norma
Korte inhoud van de opera Norma
Norma is een tragedia lirica, een opera in twee bedrijven van Vincenzo Bellini op een libretto van Felice Romani. De eerste uitvoering vond plaats in de Scala van Milaan op 26 december 1831.
De titelrol van deze opera wordt beschouwd als één van de moeilijkste sopraanpartijen in de operaliteratuur. Het vraagt een fenomenale stembeheersing waar het betreft bereik, flexibiliteit en dynamiek. Vanuit dramatisch perspectief gezien, bestrijkt het karakter alle uiteenlopende emoties die een vrouw kan doormaken: het conflict tussen het persoonlijke en het beroepsmatige leven, romantiek, moederliefde, vriendschap, jaloezie, moordlust en overgave. Veel beroemde operazangeressen zoals Maria Callas, Joan Sutherland, Montserrat Caballé, Edita Gruberova hebben de rol van de Druïdepriesteres gezongen en in dat gezelschap bevindt zich ook onze Wiebke Göetjes .
Het verhaal speelt zich af voor de jaartelling toen de Kelten Europa nog bevolkten, maar al werden overheerst door de Romeinen.
Eerste bedrijf
Op een heilige plek in woud komen Gallische krijgers en priesters (Druïden) bijeen. Ze willen dat de priesteres Norma de goden toestemming vraagt om ten strijde te trekken tegen de gehate overheersers, maar Norma vertelt, dat de tijd daarvoor nog niet is aangebroken. Ze smeekt de goden om vrede (aria Casta diva). Ze heeft namelijk een groot geheim: haar verboden liefde voor de Romeinse proconsul Pollione, die twee kinderen bij haar heeft verwekt. Niemand is daarvan op de hoogte, zelfs haar vader Orosevo, leider van de druïden, niet. Wat ze zelf niet weet is, dat deze Pollione nu een nieuw liefje heeft. Het is de novice Adalgisa, die onder Norma’s hoede staat.
Pollione, die de haat en onrust om zich heen ziet toenemen, wil vluchten naar Rome en vraagt Adalgisa met hem mee te gaan. Deze voelt zich echter geslingerd tussen haar liefde voor Pollione en de gelofte, waaraan zij zich als priesteres gebonden voelt. Ze vraagt Norma om raad, zonder de naam van Pollione te onthullen. Norma die uit eigen ervaring weet, hoe moeilijk een verboden liefde geheim te houden is, ontheft Adalgisa dan van haar gelofte. Maar als ze daarna te weten komt, dat Pollione haar heeft bedrogen, vervloekt ze hem. Adalgisa, die doorheeft dat Pollione al een relatie heeft met Norma, wil nu niets meer van hem weten.
Tweede bedrijf
Norma hoort, dat Pollione van plan is Adalgisa uit de tempel te ontvoeren. Ze verkeert in zo grote vertwijfeling, dat ze zelfs zijn kinderen wil doden, maar komt op tijd tot bezinning. Ze zint op wraak en wordt op haar wenken bediend als er wachters binnenkomen met Pollione.De Romein is gesnapt toen hij een poging deed Adalgisa te ontvoeren. Norma vraagt hem alleen te spreken. Ze realiseert zich dat ze toch nog steeds van hem houdt en belooft hem te redden als hij voor haar kiest en niet voor Adalgisa. Maar hij gaat niet op haar voorstel in en zegt dat hij ook niet van gedachten zal veranderen als hij samen met Adalgisa tot de brandstapel zal worden veroordeeld.
De inmiddels weer toegestroomde menigte eist dat Norma nu eindelijk eens het teken voor de strijd geeft. Om zich te verzekeren van de zege is echter een offer nodig en Pollione lijkt daarvoor nu de aangewezen persoon. Dan biecht Norma haar eigen zonde op. Ze vraagt Adalgisa haar kinderen bij haar vader te brengen en volgt Pollione in de dood.
|
 |
Iets over Kelten (Galliërs) en Druiden
(800 - ca. 50 v. Chr.)
Kelten geloofden in de onsterfelijkheid van de ziel en reïncarnatie, maar niet zozeer in goden; meer in een soort bovenaardse wezens, die thuis waren in de natuur. Ze hechtten ook veel belang aan de zomer- en winter zonnewende.
Samain (Nieuwjaarsfeest)
De dag van de langste nacht en de kortste dag werd gevierd als de wedergeboorte van het licht: Samain werd een feest van vrede, van de overwinning van het duister op het licht genoemd. Daarbij werd de strijd tussen koning Eik (Licht) en koning Hulst (duisternis) gevoerd, waarbij de Eikenkoning altijd won. Het nieuwe jaar is de tijd van inspiratie, vooruitblikken en uitgelatenheid. |

Edelen
De machtigste mannen van een stam waren de edelen. Ze droegen met goudbrokaat versierde kleding en gouden sieraden en hun paarden hadden prachtige tomen en leidsels.
Ze hoefden natuurlijk niet op het land te werken: daar hadden zij hun slaven en lijfeigenen voor! Hun meest geliefde bezigheden waren jagen en vechten en vooral in oorlog voeren, waren zij zeer bedreven. |

Druïden
Wellicht nog machtiger dan de Keltische edelen waren de druïden, ("dru" = sterk, "wid" = kennis). Het waren rechters, priesters, profeten, artsen, leraren, dichters en historici, die bemiddelden bij conflicten en strafzaken.
De Keltische wetten, religie en geschiedenis kenden zij in dichtvorm uit het hoofd.
Door hun kennis van de astrologie en geneeskunde, waren ze hoog verheven boven de rest van de bevolking.
Ze genoten zelfs zoveel gezag, dat ze twee legers die al in gevechtsformatie waren opgesteld, konden bevelen af te zien van het gevecht.
Ze werden geacht door middel van magie het land te beschermen. |

Opleiding tot Druïde
Ze waren vrijgesteld van dienst in het leger en hoefden ook geen belasting te betalen, zodat de belangstelling om Druïde te worden, groot was. Maar de leertijd was hard. Een Keltische priester had een leertijd van wel 20 jaar, waarbij alle kennis uit het hoofd moest worden geleerd. Ze konden wel lezen en schrijven, maar er is geen geschreven geschiedenis over de Keltische cultuur opgetekend.
De druïden zwierven van stam tot stam. Ze konden uit de stand van de sterren en andere hemellichamen de toekomst voorspellen en ze ontwikkelden ook een jaarkalender. Een jaar verdeelden zij in vier seizoenen. Elk seizoen werd ingeleid door een feest, waarbij de goden werden geëerd door offers te brengen. |

Mensenoffers
Regelmatig ontmoetten de priesters elkaar tijdens grote bijeenkomsten, die in het woud werden gehouden. Zij waren gekleed in witte gewaden met gouden sikkels.
De grootste straf die iemand kon overkomen was uitstoting, maar tot de religieuze eredienst behoorde ook het brengen van mensenoffers.
Gallië werd tussen 58 v. Chr. - 51 v. Chr. overwonnen door de Romeinen, toen Julius Caesar de Gallische stammen in het gebied overwon. De Gallische oorlogen kostten het leven aan meer dan een miljoen Galliërs, en nog een miljoen werden tot slaaf gemaakt. Het gebied werd vervolgens geregeerd als een aantal Romeinse provincies. |
Bron: www.bertsgeschiedenissite.nl/
|
|
 |
|